23 juni 2010 DE DERDE DAG. SLOPPENWIJK BEZOEKEN.
Goede morgen. De wekker gaat af om 8 uur. Tijd om op te staan.
Wassen en spullen bij elkaar zoeken die we mee moeten nemen.
Dan snel ontbijten, anders hebben we niet veel keus meer van het vegetarische !! Ontbijtbuffet.
Heerlijk gekookt eitje en onze eigen thee en koffie!!! Want de bonen komen ons onze……. uit.
Drie keer per dag bonen is natuurlijk wel gezond en voedzaam, maar te veel is te veel!!
Dan nog even checken of we mail hebben.
Ik slaak een diepe zucht. Want het werkt hier dus echt niet zoals thuis.
Je mag in je handen klappen als het overdag werkt.
Dan vanavond maar weer.
Vandaag gaan we naar de sloppenwijken en Jared kijkt samen met ons wat we allemaal aan presentjes meenemen.
Na onze slechte ervaring met de taxichauffeur van de vorige dag,
heb ik met Jared afgesproken dat we geen andere chauffeur meer
nemen dan Louis. Hij is een vreselijk aardige man, perfecte chauffeur, fotograaf en staat vaker klaar voor Cepacet.
Na ongeveer drie kwartier rijden, kwamen we aan bij Baba Dogo een van de vele sloppenwijken van Nairobi.

Wat een hel. Hoe is het mogelijk dat mensen zo moeten leven.
Als je op de TV deze beelden ziet dan denk je oh wat erg,
maar als je het in het echt ziet dan ben je stil. En weet niet wat je hiermee aan moet.
Moeten “wij” er iets aan gaan doen?
Je zou wel willen. Als we rijk waren dan deden we wat we konden. Maar wat nu dan?
Nou dat hebben we ervaren hoor.
We werden door dokter Geoffry ontvangen in zijn Zion Clinic. Hij liet ons zijn praktijk zien.

Nou dat was echt schamel hoor.
Hij was er heel trots op. Hij probeerde er ook iets van te maken. Wat mij meteen opviel was,
dat hij een perfecte microscoop en een bloedcentrifuge op elektriciteit had. Het zag er redelijk uit.
Alleen de vloer was wel aan een schoonmaakbeurt toe. En een lik olieverf op de vloer zou ook niet verkeerd zijn.
Het was alleen beton die zeer smerig was.
Hij had twee kamers met één bed erin. Het was zeer schamel.
Schoon was een woord wat daar absoluut niet van toepassing was.
Na de bezichtiging hadden we nog een gesprek met hem op zijn kantoor.
Hierna gingen we wandelen (nou ja wat je noemt) over een terrein bezaaid met keien en vuilnis.
Het was balanceren om niet te vallen in de vuilnis. Ongelofelijke rotzooi!!!

De dokter bracht mij naar een bruggetje, dat bestond alleen uit plankjes die ongelijk op de leggers lagen. Niet breder dan 50 cm. “Nou ik denk het niet” zei ik tegen de dokter.
“Ik ben dus niet van plan om in de rivier te vallen”. Die rivier bestond uit troebel water uiteraard, vuilnis, nageboorten, ontlasting, urine en nog meer ondefinieerbare spullen. Shocking!!!!
En de geur was niet te harden. In die rivier werd gewassen en ja de kinderen speelden erin.
We liepen terug naar nog meer vuilnis. Echt overal zag je vuilnis. Dit haalden ze op de grote stortplaats.

En hierin waren ze naar eten aan ‘t zoeken. Volwassenen en kinderen. Er was niemand van ons die een lachje op zijn gezicht had. We waren allemaal zeer onder de indruk.
We liepen maar en liepen maar. Aan ‘t einde van die sloppenwijk waren ze appartementen aan ‘t bouwen.
Om zo betere behuizing te krijgen. Want iedereen weet wel op welke manier mensen troep verzamelen om een onderdak te creëren.

Onderweg zagen we een oud vrouwtje voor haar onderkomen zitten en er kwam muziek uit haar “huis”. Ze keek ons aan
en ik begon op de muziek dansbewegingen te maken en het vrouwtje deed leuk mee. Dit was tussen alle ellende even leuk.
Jeanne zou filmen en dit was natuurlijk geen sinecure met dit ongelijk terrein. Gelukkig is ze niet gevallen.
Toen kwamen we aan bij de school van Pastor Charles Alochi. De school heette Destiney Progressive Academy.
Geweldig zo’n naam in deze gruwelijke sloppen. Toch leuk als je als sloppenkind kunt zeggen dat je op deze Academy hebt gezeten. Dan moet je toch al eigenlijk een halve professor zijn. Zo hoort dit zich aan.
De pastor heette ons hartelijk welkom op zijn kantoor en bood ons een flesje Sprite aan.
Dit was zeer welkom omdat we onderhand uitgedroogd waren. Onze flesjes waren al leeg.
We gingen van klas tot klas.
Bij de jongste kinderen vanaf 3 tot 5 jaar heeft Jeanne het telverhaaltje van de ondeugende 10 samen met de kinderen gedaan. Dit was echt leuk. De kinderen waren heel enthousiast.

In een hoekje van een klein donker kamertje lag een hoopje deken.
De pastor maakte het vrij en wederom shocking, daar lag een baby’tje van 4 maanden in zijn eentje te proberen om zijn flesje leeg te krijgen. Maar dat lukt natuurlijk niet als die naar onderen toe scheef ligt.
Hij had in mijn ogen geluk dat wij kwamen, anders had er niet vlug iemand naar gekeken.
Ik boog me over het hummeltje heen en probeerde de deken zo te leggen zodat hij weer aan zijn pap kon.
De urinestank was bijna ondragelijk. Volgens mij was de gehele matras doorweekt met urine.
Toen kwam de juffrouw en nam hem op de arm. En gaf hem zijn fles.
Nadat we alle klassen hadden doorlopen en alle kinderen wuppies en kleurpotloden hadden gegeven, gingen we naar een buitenruimte toe die overdekt was. De grond bestond uit zand. Hier speelden ze en aten tussen de middag rijst met Skumawiki en een soort soep erbij.
Toen we er stonden kwamen alle kinderen erbij staan en gezamenlijk bedankten ze ons en zongen wat mooie liedjes.
Dit was erg aandoenlijk. Nog even wat groepsfoto’s en dan stapten we in de auto.
Nadat we terugkwamen, wilde Jared ons wat opvrolijken. En nam ons mee naar een goedkoop maar betrouwbaar restaurantje waar Jared vaste klant is. Dit deden we omdat Jeanne nog nooit Ugali had gegeten.
Dus Jeanne en ik kregen een portie Ugalli met gegrilde Tilapia en Skumawiki. Het traditionele eten van Kenia.
Jeanne was er niet kapot van en om met de handen te eten was ook niet haar favoriete bezigheid.
Maar dit is de gewoonte hier om dit gerecht met je rechter hand te eten.
Met z’n tweeën waren we zo klaar en wederom geen alcohol te vinden in dit restaurant.
Als je erna vraagt, kijken ze je aan alsof je de grootste alcoholist bent. Je zou je nog gaan schamen.
In al die dagen hebben we één keer een fles witte wijn kortjan gemaakt en verder zijn we redelijk goed in de ontwenningskuur. Vegetarisch, geen alcohol en niet roken. In heel Nairobi stad mag er nergens, maar dan ook echt nergens (ook niet op straat,) gewoon nergens gerookt worden.
En dat is een crime als je rookt maar al met al was dit weer een zeer indrukwekkende dag.
Kijk voor meer foto’s van deze dag op
-
htgtour posted this